Je bent zelf een volger!

Januari 2017. Het grootste deel van Young Colfield bevindt zich in een touringcar, moe maar opgetogen na de wintersport in Sölden. Team 18 heeft het lumineuze idee om een soort Ranking the Stars te spelen. Voor iedereen die zich niet wekelijks bezighoudt met leedvermaak op de publieke omroep: dat is een spel waarbij iedereen van een groep een soort rangorde maakt van groepsleden voor een bepaalde eigenschap. Dus als de vraag “wie is het meest egocentrisch?” wordt gesteld, dan is het erg fijn om door zo veel mogelijk mensen onderaan te worden gezet (vind ik dan), maar gaat het gesprek juist los als één iemand door iedereen bovenaan wordt gezet (awkward!). Hilariteit alom. Je zult begrijpen dat dat best ingewikkeld kan worden. Ik had er echter alle vertrouwen in dat team 18 dat kon hebben – eigenlijk is het altijd feest bij ons.

Opvallend genoeg werd het wel vrij awkward toen het onderwerp leiderschap aan bod kwam: wie is de meest natuurlijke leider (en daarmee wie het minst)?. Gekuch, opvallend spontane andere bezigheden, vele vragen om verheldering: alle klassieke gebeurtenissen om een reactie uit te stellen kwamen op tafel. Bij mij gaat er dan automatisch een vlaggetje omhoog dat ik op moet gaan letten, want vaak worden zulke situaties alleen maar interessanter. Waarom was dit opeens zo’n ingewikkelde vraag?

Ik besloot een mildere variant in de groep te gooien om het gesprek op gang te houden: “Zou je jezelf in de top-3 zetten van de meest natuurlijke leiders binnen ons team?” En wat denk je? Iedereen zei ja. Iedereen die meedeed vond zichzelf in de top-3 staan van natuurlijke leiders binnen ons team. Ik kop ‘m nog maar even in: dat kan dus niet. Er staan maar drie mensen in een top-3, geen acht.

Een kleine noot: het zou natuurlijk kunnen dat team 18 volledig bestaat uit natuurlijke leiders. Dat we dat bij elkaar niet merken wil niet zeggen dat we dat in andere situaties niet zijn. Desalniettemin proefde ik een soort waardeoordeel bij deze vraag dat ik eerder nog niet had opgemerkt.

Wat gebeurde daar nou? We leren bij Young Colfield zo veel over de gelijkwaardigheid, de waarde van diversiteit en het ontdekken van je eigen krachten – waarom ontstaat hier dan opeens de sfeer dat je niet open en eerlijk voor deze ranking durft uit te komen? Zit er een soort minderwaardigheid in het niet van nature kunnen of willen leiden van een team? Of zijn natuurlijke leiders per definitie het kersje op de spreekwoordelijke slagroomtaart?

In het NRC Handelsblad van 5 oktober 2015 stond het leuk geformuleerd: “Volger is een klotewoord. Een identiteit waarmee je niet geassocieerd wil worden”. Daarna volgt een pleidooi voor de stelling dat de term ‘challenger’ geschikter is dan ‘volger’, omdat challengers de leider zouden uitdagen en daarmee een stap verder zouden brengen. Daar wordt volgens mij de aanname gedaan dat de wereld is op te delen in leiders en volgers, en dat volgers geen volgers zouden moeten willen heten omdat je dan onder de categorie slappe hap valt. En leiders zijn helden. Dat je het maar weet.

Jammer toch? Het benoemen van het concept van een leider impliceert namelijk dat er mensen moeten zijn om leiding aan te geven. Los van een hele beschouwing van het definitieprobleem van de termen ‘leider’ en ‘volger’: leiders geven natuurlijk geen leiding aan een team vol met leiders. In die tegenstelling moeten er volgers zijn. Zelfs Thomas Acda zei het al: “Niet iedereen kan een held zijn – er moeten ook mensen gered”. En zo is het.

Ik kan me goed voorstellen dat veel mensen geen leider willen zijn. Specialisten, op welk vlak dan ook, houden zich graag bezig met de inhoud van hun vak en wat ze daarmee kunnen bereiken. Teams vol met specialisten worden officieel ook geleid, maar dat wil in mijn ogen niet zeggen dat die leider meer inbrengt. Toch wel belangrijk, die volgers. Sterker nog: het ironische aan dit hele verhaal is dat een leider helemaal geen leider kán zijn zonder volgers (lees: teamleden die de leider als leider accepteren). Een leider gaat nooit resultaten met zijn team bereiken als dat team geen reden heeft om vertrouwen te hebben in die leider. Dan valt er niks te leiden en kom je nergens.

Voor de volledigheid zal ik mijn eigen redenering op het antwoord over leiderschap nog even toelichten. Ja, ik zet mezelf ook in die top-3 (lekker de rest van team 18 volgen!). Ik kan een leider zijn in een groep maar dat hoeft niet. Ik vind het oprecht meer dan prima als iemand anders de leiding heeft over een team waar ik deel van uitmaak, mits dat wel goed gebeurt. Ik kan situaties noemen waarin ik gretig de leiding heb overgenomen op momenten dat ik vond dat de leiding structureel onvoldoende was, dat wel. Maar als het team functioneert hoef ik geen leider te zijn. In sommige situaties kan het zelfs wel fijn zijn om de leiding niet altijd te hoeven hebben.

In mijn ogen is een écht goede leider iemand die inziet dat hij zijn team keihard nodig heeft. Dat betekent investeren in je mensen, werkzaamheden faciliteren en samenwerking bevorderen. Ik vind dat leuk om te doen, dus ik ben graag een leider. Leuk om een rol te hebben in een team, net als andere rollen.